f Autobedrijf Hong-Paul Duiven, Aardgas Specialist
Autobedrijf Hong-Paul Duiven
NL  EN
Home Over Ons Tuning Revisie Diensten Contact Afspraak Offerte Klantenservice

Aardgas Specialist

Autobedrijf Hong-Paul heeft al  jaren ervaring  met LPG Aardgas auto's. LPG is naar jaren door ontwikkeld, nu kan men af fabriek een LPG auto bestellen. Het aftermarket LPG installatie zal in de toekomst langzaam verdwijnen. De prijs van aftermarket en af fabriek verschild te weinig. Het LPG systeem af fabriek is beter aangezien de motor er helemaal op aangepast is, het maakt het OBD uitlezen makkelijker. Aardgas CNG is in opkomst in Nederland de laatste jaren.Een aardgas auto is stiller,veiliger,schoner en voordelig als een auto met LPG. Aardgas is nog niet overal verkrijgbaar in Nederland.


De service van Autobedrijf Hong-Paul bestaat uit:
 

  • Onderhoud
  • Reparatie
  • Diagnose storing
  • Uitlezen aardgas en LPG
  • Aardgas en LPG specialist/dokter
  • Software update

 


Aardgas Techniek:
 

Momenteel rijden er in Nederland enkele honderden voertuigen op het schone aardgas, Compressed Natural Gas (CNG) genoemd, rond. Dat dit cijfer in de toekomst ongetwijfeld zal stijgen, bewijzen andere landen. In Duitsland rijden er momenteel vijfentwintigduizend voertuigen op aardgas, in Italië zo'n vijfhonderdduizend en in Argentinië zelfs meer dan een miljoen.

In een EU-convenant is afgesproken dat in 2020 tien procent van alle vloeibare brandstoffen vervangen moet worden door aardgas. Dat komt in Nederland neer op zeshonderdduizend voertuigen en zo'n twaalfhonderd tankstations die in de behoefte aan de brandstof moeten voorzien.

Er zijn interessante ontwikkelingen gaande op het gebied van het gebruik van aardgas. Waarbij er sprake is van Compressed Natural Gas (CNG) en van Liquefied Natural Gas (LNG). Wellicht dat het in de toekomst mogelijk is de kampeerauto uit te rusten met een aardgasinstallatie. De techniek is er al.

Compressed Natural Gas (CNG)

Rijden op aardgas (CNG) is een financieel voordelig alternatief voor benzine, diesel en LPG. Voertuigen op aardgas zijn op dit moment duurder in aanschaf dan die op de traditionele brandstoffen, maar dat wordt terugverdiend door de lage brandstofkosten.

In de toekomst zal het prijsverschil tussen een voertuig met een gasgestookte motor en een benzine- en dieselmotor overigens steeds kleiner worden. Dit komt, omdat de eisen rond de uitstoot van voertuigen steeds strenger worden. Vervuilende voertuigen zullen op termijn zwaarder belast worden en gaan daardoor in prijs omhoog.

Een aardgasmotor heeft bovendien minder onderhoud nodig, omdat het gas zeer schoon verbrandt. Uit de praktijk blijkt eveneens, dat voertuigen op aardgas minder vaak nieuwe smeerolie vereisen en ook gaan veel onderdelen van de auto, zoals de bougies, langer mee.

Het rijden op aardgas (CNG) geldt veelal voor personenauto's en bestelwagens die benzine motoren hebben met een aardgasinstallatie. De dieselmotoren in de lichte sector hebben nog niet de mogelijkheid te draaien op aardgas. Alhoewel de techniek daarvoor wel voorhanden is.

In de zware transport- en in de autobussector zijn wel dieselmotoren die geschikt zijn gemaakt voor het rijden op aardgas.

De werking op aardgas (CNG)

Aardgas wordt onder een druk van circa tweehonderd atmosfeer (bar) in het voertuig opgeslagen in een cilinder. Deze cilinders hebben een gemiddelde wanddikte van tien tot twintig millimeter en zijn gemaakt van aluminium, staal of hogesterkte koolstofvezels. Aardgascilinders zijn daarom beter tegen aanrijdingen bestand dan bijvoorbeeld de standaard benzinetank.

De cilinders worden geplaatst in de kofferbak, op het dak (bij bussen bijvoorbeeld) of onder het voertuig. Als de motor brandstof nodig heeft, gaat het vanuit de cilinders via hogedrukleidingen naar een reduceerventiel onder de motorkap. Als de motor voorzien is van een carburateur, vermindert dit ventiel de druk van het gas tot ongeveer de druk van de buitenlucht. Het gas stroomt dan vervolgens naar een mengkamer en wordt met de door de motor aangezogen lucht gemengd en in de motor gevoerd.

Heeft de motor brandstofinjectie, dan brengt het reduceerventiel de druk van het gas terug tot circa zes bar voordat het in de motor wordt geïnjecteerd. In beide gevallen stroomt het gas in de verbrandingskamer, waar het wordt ontstoken om het benodigde vermogen voor het voertuig te ontwikkelen.

Liquefied Natural Gas (LNG)

In het Nederlands vloeibaar gemaakt aardgas genoemd. Het aardgas wordt vloeibaar gemaakt door het af te koelen tot -162 graden Celcius. Doordat LNG vloeibaar is, kan een tank tot 3 keer meer aardgas bevatten dan bij CNG. Hierdoor is de actieradius ook 3 keer zo groot.

Het LNG wordt opgeslagen in zeer goed geïsoleerde tanks. Deze tanks worden niet gekoeld en warmen dus langzaam op. Door het opwarmen verdampt LNG en neemt de druk in de tanks langzaam toe.

In geval van te hoge druk in de tank zal een klein gedeelte van het verdampte LNG gecontroleerd kunnen ontsnappen, dit is eigenlijk alleen van toepassing als er meer dan een week niet wordt gereden.

Het LNG is door de hoge energiedichtheid en het feit dat het na verloop van tijd in de tanks verdampt, het meest geschikt voor vrachtwagens en bussen die in korte tijd grote afstanden afleggen.

LNG lijkt qua samenstelling sterk op CNG. Bij beide is het hoofdbestanddeel methaan (CH4). Het verschil is, dat (bijna) alle zuurstof, koolstofdioxide, water, zwaardere koolwaterstoffen en zwavelverbindingen die zich in het aardgas kunnen bevinden tijdens de productie van LNG worden verwijderd.

Deze componenten zouden bevriezen tijdens het vloeibaar maken. LNG bevat door het ontbreken van deze stoffen een veel hoger percentage methaan dan aardgas uit het leidingnet. Een hoger percentage methaan betekent een hogere energetische waarde, wat een hogere actieradius oplevert.

Wanneer er vervolgens van LNG CNG wordt gemaakt, dan heeft dat CNG een hogere energetische waarde dan CNG afkomstig uit het leidingnet. Het gebruik van CNG uit LNG in voertuigen levert hierdoor ook een hogere actie radius op. Een tankstation waar zowel LNG als CNG uit LNG kan worden getankt wordt een L/CNG station genoemd.

Superieure brandstof

Het aardgas is, met zijn octaangetal van honderdtwintig à honderddertig, een superieure brandstof te noemen. Mits de motor aangepast wordt aan de specifieke eigenschappen van het aardgas, blijven de motorprestaties en het brandstofverbruik min of meer gelijk. Verder vertegenwoordigt één kilogram aardgas evenveel energie als circa anderhalve kilogram superbenzine!

Voor aardgas het gebruik van aardgas zijn er geen energievretende raffinageprocessen nodig en het transport is veilig en efficiënt via pijpleidingen onder de grond. Het nadeel van gecomprimeerde aardgas is de geringe energiedichtheid, waardoor er voor een aanvaardbare actieradius relatief veel brandstof in de auto moet worden meegevoerd. En dat in stalen tanks die ook nog eens erg zwaar zijn. Er zijn echter tanks in ontwikkeling die van een veel lichtere constructie zijn.

De geringe energiedichtheid wordt ondervangen door het LNG.

Bij voertuigen, die zowel op aardgas als op benzine of diesel draaien, is er een brandstofkeuzeschakelaar, waarmee voor de gewenste brandstof kan worden gekozen. In een aantal gevallen gebeurt dit automatisch als het gas op is. De auto is in dit soort gevallen veelal voorzien van een brandstofmeter die aangeeft hoeveel gas nog in de cilinders aanwezig is. Een aantal leveranciers, zoals Fiat (Ducato Natural Power), Mercedes, Opel, VW en Volvo, maakt motoren die uitsluitend op aardgas kunnen draaien.

Het vullen van aardgasvoertuigen

Een auto op aardgas kan op twee manieren tanken:

Fast fill. Bij dit systeem wordt de auto gekoppeld aan een tamelijk grote compressor met vaak enkele buffercilinders. Het voertuig wordt in twee à vijf minuten gevuld.

Slow fill. De auto wordt aan een kleine compressor gekoppeld en in vijf tot acht uur wordt de auto gevuld. Dit systeem is bij uitstek geschikt om, vanuit het gasnet, thuis de auto te tanken.


Er is genoeg aardgas

Er is voor circa zestig tot zeventig jaar aardgas in Noordwest-Europa aanwezig. De voorraad neemt zelfs toe tot ongeveer honderdzeventig jaar als alle bekende voorraden kunnen worden aangesproken.

Normaal gesproken is aardgas van fossiele oorsprong, maar het kan ook gewonnen worden uit biomassa. Er is dan sprake van een hernieuwbare, CO2-neutrale energiebron. In Zweden en Frankrijk loopt een aantal projecten waar voertuigen rijden op energie uit biomassa.

Rijden op aardgas is schoner

Rijden op aardgas CNG) is aanzienlijk beter voor het milieu dan rijden op de tot nu toe gangbare brandstoffen. Aardgasvoertuigen stoten minder vervuilende stoffen uit dan voertuigen die op benzine, diesel of LPG rijden. Aardgas bestaat namelijk voor het grootste gedeelte uit methaan. Hierdoor stoot het, relatief gezien, het minste kooldioxide uit, het gas dat bijdraagt aan het broeikaseffect.

Daarnaast produceert een aardgasmotor minder verzurende emissies ofwel uitstoot dan traditionele brandstoffen. Ook de uitstoot van stoffen waar de mens direct last van heeft, zoals roet, giftige, stinkende en kankerverwekkende verbindingen, is minimaal. Voertuigen die op aardgas rijden, voldoen aan alle geldende Europese emissiestandaards. De exacte emissies hangen af van verschillende factoren, zoals het type motor, de onderhoudstoestand van de motor en uiteraard de rijstijl van de bestuurder.

Zo blijkt uit onderzoek dat bijvoorbeeld de uitstoot van stikstofoxiden met ongeveer 90% verminderd (ten opzichte van vergelijkbare dieselmotor).

De kosten

Vanwege de hoge prijzen van benzine en diesel en het feit dat het aardgas beter is voor het milieu, is het niet uitgesloten dat er steeds meer bestuurders zijn die overstappen op het gebruik van aardgas. In vergelijking met andere brandstoffen is aardgas nog moeilijk verkrijgbaar.


Groen gas

Tot slot. Er is ook nog sprake van groen gas. Het is een hernieuwbare energiebron dat wordt geproduceerd uit afvalwaterslib en biomassa, zoals GFT-afval en mest. Rijden op groen gas vermindert de CO2 uitstoot met minimaal 90% in vergelijking tot benzine en diesel. Het verbetert de luchtkwaliteit aanzienlijk ten opzichte van diesel door de sterk verminderde fijnstof en NOx uitstoot.

Het groen gas productieproces bestaat ruwweg uit drie stappen: vergassing, gasreiniging en methanisering. In de vergasser wordt biomassa op hoge temperatuur omgezet in een gas dat naast koolmonoxide (CO) en waterstof (H2) een grote hoeveelheid methaan (CH4) bevat.

Vanwege de biologische oorsprong is groen gas een duurzame energiebron. Groen gas kan worden ingevoed in het aardgasnet en gebruikt in aardgasmotoren. Het gas wordt gezien als de duurzame opvolger van aardgas.


LPG Techniek:

LPG staat voor Liquefied Petroleum Gas. LPG is een fossiele brandstof welke voortkomt uit aardgas en aardolie. Uiteraard gaat daar een heel productieproces aan vooraf. LPG wordt in Nederland en België ook wel autogas genoemd. Veelal is het bij de pompstations aangeduid als LPG. LPG is een brandstof voor mengselmotoren.

LPG is een mengsel van Propaan en Butaan. Per land zal de verhouding tussen propaan en butaan verschillen. Dit heeft te maken met de temperatuur. Bij lage temperaturen zal het mengsel meer propaan bevatten. Bij hoge temperaturen meer butaan. Dit wordt gedaan omdat butaan bij een lage temperatuur niet goed genoeg verdampt. In Nederland is de samenstelling van autogas ongeveer 70% propaan en 30% butaan.

Verder is LPG een schonere brandstof dan diesel of benzine. De verbranding van autogas is veel gelijkmatiger. Hierdoor ontstaan er schonere uitlaatgassen. De CO 2 uitstoot van LPG is lager dan bij een diesel of benzinemotor. Ongeveer 10% ten opzichte van benzine. LPG stoot wel meer NOx uit dan een benzinemotor, maar minder dan een diesel. Sinds 1955 is LPG op de Nederlandse markt als brandstof te verkrijgen.

LPG rijden wordt al winstgevend boven 6000 km per jaar. Dat heeft u snel bereikt. U voelt het dus direct in uw portemonnee dat u de juiste keuze heeft gemaakt. Helemaal met de stijgende benzine prijzen is op lpg rijden wel heel aantrekkelijk! Hoe kan dat al bij 6000 km? Rijden op LPG wordt door de Nederlandse overheid gestimuleerd met de G3 regeling uit 1997. Het lage kilometer omslagpunt tussen benzine en LPG wordt veroorzaakt door de extra autogastoeslag op de houderschapsbelasting die de overheid verstrekt. U hoeft echt geen kilometervreter te zijn om optimaal te profiteren van veel goedkoper autorijden.


LPG installaties:
 

G1
 

De eerstegeneratie-lpg-installaties bestonden uit een gastank ergens achterin het voertuig, soms in de plaats van de benzinetank, een leiding voor het vloeibare gas vanuit de tank naar het motorcompartiment, een verdamper en een mengstuk op of onder de carburateur.In de verdamper verdampt het lpg van vloeistof naar gas. Omdat voor verdamping warmte nodig is c.q. warmte aan de omgeving onttrokken wordt, is de verdamper ook aangesloten op het koelsysteem van de motor, in dit geval om de verdamper te verwarmen. De verdamper regelt de druk van het gas aan de hand van de druk (deelvacuüm) in het inlaatspruitstuk. Het gas stroomt dan via een leiding naar een mengstuk voor of achter de carburateur, waar het met lucht de motor wordt ingezogen. Ditzelfde systeem werkt ook voor een motor met mechanische, drukgeregelde injectie. In of ergens onder het dashboard zit een keuzeschakelaar ingebouwd waarmee de bestuurder lpg of benzine kan inschakelen. Deze schakelaar bedient twee elektromagnetische ventielen in de lpg- en benzineleidingen naar de motor.


G2
 

Een tweedegeneratie-lpg-systeem kan een gas-venturi-systeem of een dampgas-injectiesysteem zijn. Echter wordt de gastoevoer geregeld door middel van een computer. Hierdoor zijn deze systemen zuiniger en schoner dan een G1-systeem. De apparatuur kan gelijk zijn aan deze van de G3-installaties maar genieten niet het fiscale voordeel, omdat het voertuig niet aan de ECE94-12-emissie-eisen voldoet, of niet getest is bij een erkende keuringsinstantie.


G3

De derdegeneratie-autogasinstallaties worden G3-installaties genoemd. Er bestaan er verschillende soorten G3-installaties. Deze maken gebruik van de aansturingstijden voor de benzine-injectoren, berekend door een electronic control unit (boordcomputer). Deze tijden worden omgerekend naar stuurtijden voor de gasinjectoren. Hierdoor is er nauwelijks nog sprake van vermogensverlies, zoals bij oudere generaties het geval was. G3-installaties worden via de wegenbelasting gesubsidieerd. In Europa bestaan Euro-normen die al schoner zijn. Zoals bijv. Euro5 , Euro 6.


Sequentiële installaties
 

Sequentiële installaties hebben een eigen doseerventiel per cilinder. Deze moderne installaties hebben meestal geen eigen rekenmodule, maar rekenen het door de boordcomputer berekende kenveld om naar equivalente gasvolumes. Daarom is de ombouw en programmering eenvoudiger. Een multi-point-injectiesysteem is echter een voorwaarde. Nieuwere auto's hadden al sinds halverwege negentiger jaren deze technologie. Met deze installaties kon het Euro-On-Board-Diagnostics (EOBD) gebruikt worden.

VSI-Installatie

VSI is de afkorting van Vapour Sequential Injection, vrij vertaald "dampvormige sequentiële injectie". Het systeem werkt volledig geïntegreerd met het benzinemanagement van de motor, wat als voordeel heeft dat de EOBD-functie van de wagen niet beïnvloed wordt door het lpg-systeem. Door net zo als op benzine per cilinder de lpg te injecteren is er geen merkbaar verschil meer tussen het rijden op benzine of lpg. De ECM is zo ontworpen zodat deze geschikt is voor 3-, 4- ,5- ,6-, 8- en 10-cilindermotoren. In combinatie met software kunnen er optimale emissies en rijeigenschappen bereikt worden.

LPI-Installaties

LPI is de afkorting van Liquid Propane Injection en betekent vloeibaarpropaaninjectie. De sequentiële gasinjectie in vloeibare vorm kan gezien worden als de nieuwste generatie gassystemen (de zogenaamde vijfde generatie). Het grote voordeel van vloeibare injectie is de koelende werking van het verdampen van het gas in de cilinder. Zo ontstaat een betere vullingsgraad van de cilinders en daarmee een betere prestatie van de motor. Een nadeel is een iets hoger brandstofverbruik. Deze techniek was al aan het begin van de jaren negentig bekend.

LPdi-Installaties

Het zogenaamde LPdi-systeem (Liquid Propane Direct Injection) maakt voor het eerst mogelijk dat het lpg, net als bij de benzinemotor, direct in de cilinder wordt ingespoten. Het LPdi-systeem komt voor verschillende merken, motoren en directe inspuitingtechnologieën beschikbaar, waardoor nu meer nieuwe auto's technisch in aanmerking komen voor autogas. Aanpassingen aan het koelsysteem van de motor zijn niet nodig, daarnaast behoeft LPdi-techniek geen onderhoud. Ook blijft de emissiegoedkeuring (Euro-norm) ongewijzigd van kracht.